De meeste ondernemingen keren elk jaar een gedeelte van de gemaakte winst uit aan de aandeelhouders. Deze winstuitkering heet dividend (Dividend is afgeleid van het Latijnse woord 'dividere' dat 'verdelen' betekent). Per aandeel keert de onderneming dan een bepaald bedrag aan dividend uit. Vaak is het zo dat hoe meer winst de onderneming maakt, hoe hoger het dividend is dat zij uitkeert. Maakt een onderneming geen winst, dan keert zij vaak ook geen dividend uit. De aandeelhouders ontvangen meestal maar een gedeelte van de totale winst. Een gedeelte van de winst gebruikt de onderneming bijvoorbeeld om te investeren of als reserve voor slechtere jaren. Het is belangrijk dat een onderneming genoeg reserve achter de hand heeft om bij een tegenvaller niet direct failliet te gaan. Er zijn drie verschillende manieren voor een onderneming om dividend uit te keren aan de aandeelhouders:
De aandeelhouder krijgt in dit geval een bepaald geldbedrag per aandeel.
De aandeelhouder krijgt het dividend uitgekeerd in aandelen. Voor elk bepaald aantal aandelen krijgt de aandeelhouder dan een nieuw aandeel uitgekeerd. Is het stockdividend bijvoorbeeld 2%, dan krijgt de aandeelhouder per 100 aandelen 2 nieuwe aandelen erbij, oftewel 1 per 50. We zeggen dan dat er 50 stocks tegenover 1 nieuw aandeel staan. Nu kan het gebeuren dat de aandeelhouder slechts 30 aandelen (= 30 stocks) heeft. Hij heeft dan de volgende twee mogelijkheden:
1. Hij kan 20 stocks bijkopen om aan 1 nieuw aandeel te komen.
2. Hij kan zijn 30 stocks aan een andere aandeelhouder verkopen als hij geen stocks wil of kan bijkopen. Zo ontvangt hij altijd zijn gedeelte van de ondernemingswinst.
Voordeel voor de belegger van stockdividend is dat hij hierover geen dividendbelasting hoeft te betalen bij uitkering uit de agioreserve van een onderneming. Overigens neemt door het stockdividend zijn vermogen toe. Het vermogen valt in box 3 van het nieuwe belastingstelsel.
De laatste mogelijkheid is het keuzedividend, waarbij de aandeelhouder mag kiezen tussen dividend uitgekeerd in aandelen of in geld. Het stockdividend is dan vaak een iets lager bedrag dan het gewone dividend omdat je over stockdividend geen belasting hoeft te betalen. Verder kunnen we nog interim-dividend en slotdividend onderscheiden. Het bestuur van een onderneming weet aan het einde van het boekjaar hoeveel winst (of verlies) er is. Op dat moment bepaalt het ook de hoogte van het dividend dat men gaat uitkeren. Sommige ondernemingen keren alvast voor het einde van het boekjaar dividend uit aan de aandeelhouders, omdat zij ongeveer weten hoeveel winst ze gaan maken. Deze tussentijdse dividenduitkering noemt men interim-dividend. Het aan het einde van het boekjaar uitbetaalde dividend is het slotdividend. Ondernemingen die interim-dividend uitkeren, verrekenen dit met het slotdividend. Er zijn ook ondernemingen die alleen slotdividend uitkeren.